Een advocaat, in loondienst bij een advocatenkantoor, krijgt een burn-out. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsverhouding, met toekenning van een transitievergoeding van € 9.720. De gevraagde billijke vergoeding van € 201.171,72 bruto wijst de kantonrechter af, net als het verzoek om vaststelling van werkgeversaansprakelijkheid.
De kantonrechter wijst verder toe: € 13.974,24 bruto aan achterstallig loon, vermeerderd met 25% wettelijke verhoging en wettelijke rente, € 6.471,52 bruto aan verlofuren en € 22.004,14 bruto aan bonus, vermeerderd met 25% wettelijke verhoging en wettelijke rente.
Werknemer en werkgever gaan in hoger beroep
De ontslagen advocaat gaat in hoger beroep. Hij vraagt het hof te oordelen dat de werkgever alsnog een billijke vergoeding aan hem verschuldigd is. En dat de werkgever aansprakelijk is voor door hem geleden en nog te lijden schade. Ook wil hij een hogere transitievergoeding en een hogere betaling van achterstallig loon en bonus.
De werkgever op zijn beurt stelt ook hoger beroep in. Hij verzoekt het hof een lager bedrag aan transitievergoeding vast te stellen. Ook wil hij dat de ontslagen advocaat wordt veroordeeld tot (terug)betaling van onverschuldigd betaald loon en betaalde bonus.
Toekenning billijke vergoeding op g-grond
In dit geval heeft de kantonrechter de ontbinding uitgesproken op de g-grond (verstoorde arbeidsverhouding). Om voor een billijke vergoeding in aanmerking te komen is vereist dat de beëindiging van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Bovendien moet er een causaal verband bestaan tussen die gedragingen en de ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
Geen duidelijke signalen van psychische klachten
Het staat wel vast dat de advocaat zijn werkgever meermaals heeft gewezen op door hem ervaren hoge werkdruk. Maar daaruit bleek niet dat de urgentie zo hoog was dat je onmiddellijk zou moeten vrezen voor een onwerkbare situatie of uitval wegens psychische klachten.
Dit komt overeen met de eigen verklaring van de advocaat. Hij stelde dat hij door de werkdruk in een vechtmodus kwam: door de extra adrenaline is dan niet direct te zien dat je overwerkt bent en merkbare klachten worden uitgesteld.
De meldingen over de ervaren werkdruk leverden voor de werkgever onvoldoende duidelijke signalen op dat de advocaat een verhoogd risico liep op psychische klachten.
Verstoorde relatie door moedwillige overbelasting
De ontslagen advocaat voert aan dat de werkgever wel degelijk een ernstig verwijt te maken valt. Door het vertrek van 2 advocaat-medewerkers moest hij in feite het werk van 3 advocaat-medewerkers verrichten. Daarbij kwam dat de secretariële ondersteuning onvoldoende was.
De werkgever heeft niet gezorgd voor de noodzakelijke vervanging en hem niet ontlast. Hij eiste juist van de advocaat dat hij nog meer omzet realiseerde en extra taken uitvoerde. Volgens de advocaat heeft de werkgever hem moedwillig overbelast en daarmee de relatie tussen partijen (steeds meer) verstoord.
Acceptabele werkdruk die hoort bij de functie
Maar het hof volgt de advocaat hier niet in. Uit vergelijking met collega’s met een vergelijkbare workload en uit verklaringen van een aantal collega’s, blijkt niet dat zij soortgelijke problemen ervaren op de werkplek.
Daarbij betrekt het hof dat psychosociale belasting karakteristiek is voor de functie van advocaat. Bij zo’n functie mag worden verwacht dat iemand een zekere mate van werkdruk aankan.
Conclusie hof: geen ernstige verwijtbaarheid
De eindconclusie van het hof is dat de werkgever weliswaar enkele steken heeft laten vallen, maar dat van ernstige verwijtbaarheid in dit geval geen sprake is. Het verzoek van de advocaat om de werkgever te veroordelen tot een billijke vergoeding wijst het hof daarom af. Om dezelfde reden wijst het hof zijn verzoek af tot betaling van een schadevergoeding voor door hem geleden en nog te lijden schade.
Wat betreft de verzoeken van de werkgever komt het hof tot lagere bedragen dan de kantonrechter heeft toegewezen. Bovendien moet de advocaat te veel ontvangen loon terugbetalen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, ECLI:NL:GHARL:2024:1200, 19 februari 2024













